De klok is weer een uur vooruitgezet, de dagen worden langer en voor veel mensen voelt dat als het officiële startschot van het fietsseizoen. Zeker hier in onze regio, waar we graag langs de Nieuwe Waterweg fietsen, is dat elk jaar weer genieten. Al hoort daar ook een bekende klacht bij: Waarom heb je op de fiets nou altijd tegenwind?
Het voelt soms bijna persoonlijk. Je stapt opgewekt op, en meteen krijg je de wind van voren. Toch is dat niet alleen maar pech. Zelfs als het helemaal niet hard waait, moet je op de fiets zélf al door de lucht heen. Voor je lichaam hoopt die lucht zich op en dat duwt als het ware terug. En achter je ontstaat juist een soort zuigende werking. Zo ben je dus voor én achter bezig om lucht te overwinnen.
Waait het dan ook nog eens stevig, zoals langs open stukken bij de Waterweg vaak gebeurt, dan merk je pas echt hoeveel kracht dat kost. Daarom is een goede houding op de fiets extra belangrijk. Wie iets meer vooroverbuigt, de elle bogen wat naar binnen houdt en niet met wapperende kleding rijdt, snijdt al een stuk slimmer door de wind. Een racefiets dus!
En nog een tip die bij harde wind echt telt: ga liever niet alleen op pad. Samen fietsen is niet alleen gezelliger, maar ook verstandiger. Door achter elkaar te rijden, vang je minder wind en houd je het langer vol. Zeker op een winderige lentedag kan dat een wereld van verschil maken.
Dus: geniet van de zomertijd, stap op de fiets, maar onderschat de wind niet. En heb je een mooie fietsfoto in weer en wind, of een vraag over het voorjaarsweer? Stuur hem gerust op — misschien komt die wel terug in een volgende column.
Weerman, Marco Schregardus
Bij de foto: Altijd wat te zien op het water.